Wie een huis zoekt, kijkt vooral naar de vraagprijs. Dat is logisch, want dat bedrag staat groot in elke advertentie. Toch is de koopsom niet het enige wat je betaalt. Rond de aankoop komen er allerlei kosten bij die samen al snel een flink bedrag vormen. Die worden vaak de kosten koper genoemd, en je moet ze grotendeels uit eigen zak betalen.
Een hypotheek mag in Nederland namelijk niet hoger zijn dan de waarde van de woning. De bijkomende kosten kun je dus meestal niet meefinancieren. Weet je vooraf waar je op moet rekenen, dan voorkom je een vervelende verrassing vlak voor de handtekening.
Overdrachtsbelasting
De grootste post is vaak de overdrachtsbelasting. Koop je een bestaande woning om er zelf in te wonen, dan betaal je in de regel 2 procent van de koopsom. Bij een huis van drie ton gaat het dus al om zesduizend euro.
Ben je jonger dan 35 en koop je voor het eerst een woning om zelf te bewonen, dan kun je in aanmerking komen voor de startersvrijstelling. Daarvoor geldt wel een maximale woningwaarde die regelmatig wordt aangepast. Check dus altijd de actuele grens bij de Belastingdienst. Bij nieuwbouw betaal je meestal geen overdrachtsbelasting, omdat de btw al in de prijs zit.
Notaris, taxatie en advies
Daarnaast zijn er de kosten van de mensen die de aankoop in goede banen leiden. Elk van deze posten lijkt overzichtelijk, maar bij elkaar opgeteld lopen ze snel op. Reken grofweg op de volgende onderdelen:
- Notaris: voor de leveringsakte en de hypotheekakte, samen vaak tussen de 1.000 en 2.000 euro.
- Taxatie: een gevalideerd taxatierapport voor de bank kost doorgaans enkele honderden euro’s.
- Hypotheekadvies en bemiddeling: vaak de duurste post binnen het rijtje, meestal enkele duizenden euro’s.
- Nationale Hypotheek Garantie: een eenmalige premie als percentage van je hypotheekbedrag.
- Bouwkundige keuring: niet verplicht, maar wel verstandig, meestal een paar honderd euro.
Kosten die je makkelijk vergeet
Naast de officiële kosten koper zijn er uitgaven die niet op de offerte van je adviseur staan. Denk aan een aankoopmakelaar als je die inschakelt, een bankgarantie of waarborgsom, verhuiskosten en de eerste klussen in je nieuwe huis. Ook nieuwe vloeren, gordijnen of een keuken die je toch anders wilt, horen eerlijk gezegd bij het budget.
Een handige vuistregel is om voor een bestaande woning ongeveer 5 tot 6 procent van de koopsom te reserveren voor alle bijkomende kosten, inclusief overdrachtsbelasting. Geldt de startersvrijstelling voor jou, dan kom je vaak lager uit. Voor inrichting en verhuizing kun je het beste een aparte pot aanhouden.
Wat je terugkrijgt via de belasting
Er is ook goed nieuws. Een deel van de kosten kun je aftrekken van je inkomen in het jaar waarin je de woning koopt. Dat geldt voor de zogenoemde financieringskosten, zoals het hypotheekadvies, de taxatie, de notariskosten voor de hypotheekakte en de NHG-premie. De overdrachtsbelasting en de kosten voor de leveringsakte zijn niet aftrekbaar.
Let op dat je dat geld pas terugkrijgt na je belastingaangifte, of eerder als je een voorlopige aanslag aanvraagt. Op het moment van de aankoop moet je het bedrag dus gewoon zelf hebben staan.
Zo spaar je voor de bijkomende kosten
Begin met een concreet doelbedrag. Neem de prijsklasse waarin je zoekt, reken het percentage voor de kosten koper uit en tel daar een buffer voor verhuizing en inrichting bij op. Deel dat bedrag door het aantal maanden tot je verwacht te kopen, en je weet hoeveel je per maand opzij moet zetten.
Zet dat bedrag direct na binnenkomst van je salaris automatisch over naar een aparte spaarrekening. Zo voelt het niet als een keuze die je elke maand opnieuw moet maken. Wil je meer ideeën om je uitgaven slimmer te verdelen of je spaardoel sneller te halen, dan vind je op vuljespaarpot.nl artikelen over sparen en wonen die daarbij kunnen helpen.
Kijk ook kritisch naar vaste lasten die je kunt verlagen, zoals abonnementen of verzekeringen. Kleine besparingen per maand tellen over een jaar of twee op tot een bedrag dat een flink deel van je notaris- of advieskosten dekt.
